• Marcel Koch
  • Archief Kamp Amersfoort

In het spoor van grootvader

LEUSDEN Hans van Beem reconstrueert op nauwgezette wijze de oorlogsjaren van zijn grootvader die hij nooit heeft gekend. Een doos spullen bij zijn oma kriebelde zijn nieuwsgierigheid. ,,Dit heeft mijn grootvader verdiend."

Marcel Koch

Hij is verraden. Op 12 juli 1944 wordt Johan Theodorus Nicolaas van Beem, roepnaam Hans, gearresteerd door politieagenten van de NSB. De verzetsstrijder - hij distribueert voedingsbonnen en is koerier van illegale kranten - wordt kort daarop door de Siegerheidsdienst veroordeeld tot deportatie wegens bezit van een radio. Van Beem wordt aanvankelijk vastgezet in het Huis van Bewaring in Amsterdam. Vanuit zijn cel ziet hij door de tralies de Sint-Agneskerk nog net boven de stad uittorenen. Tientallen jaren later, in 2014 om precies te zijn, zet Hans van Beem voet in diezelfde cel. ,,Ik maakte mij een voorstelling hoe dat destijds voor mijn grootvader moet zijn geweest. Er schoten tal van gedachtes door mijn hoofd. Zou hij zich geërgerd hebben aan zijn medegevangenen? Hoe was zijn gemoedstoestand überhaupt? Heel bijzonder om op de plek te zijn waar hij heeft geademd.''

ZOEKTOCHT Hans van Beem (68) is de kleinzoon van Johan van Beem. Tien jaar geleden startte de Leusdenaar geestdriftig en uiterst secuur de zoektocht van de voetstappen van zijn grootvader in de oorlogsjaren. Van Beem doorzocht archieven, sprak en mailde met vele bronnen waaronder nabestaanden, snuffelde in documentatiecentra en reisde regelmatig af naar locaties waar zijn grootvader zich destijds onder dwang begaf. Ook dichtbij huis. Zo was hij onlangs deelnemer aan de wandeling van Kamp Amersfoort naar het station waarmee de grote deportatie van gevangenen op 11 oktober 1944 werd herdacht. Op die dag werden ruim 1400 gevangenen afgevoerd naar concentratiekamp Neuengamme, Johan van Beem was daar een van. De verzetsman, die ook twee Joodse meisjes in zijn woning liet onderduiken, overleefde zeven concentratiekampen, maar stierf kort na de bevrijding op de terugweg naar huis in het Duitse Mirow.

,,Aan overvoeding in combinatie met uitputting'', stelt Van Beem op basis van zijn speurwerk vast. ,,De dagen daarvoor, zo blijkt uit zijn dagboek, heeft hij in de tuin van het huis van Frau Meta Grünspahn nog in het zonnetje gezeten en van zijn verzorgsters vitaminen injecties gekregen.''

DAGBOEKJE Tevergeefs. Op 20 mei 1945 komt hij te overlijden. Johan van Beem is dan 49 jaar. ,,Juliana Szialina, een jonge vrouw uit Heerlen en een van zijn verzorgers heeft als laatste in zijn dagboekje geschreven en het mee teruggenomen naar Nederland. Een replica van het dagboek, niet van echt te onderscheiden, ligt in museum Ravensbrück. Ravensbrück is één van de zeven concentratiekampen waar mijn grootvader gevangen werd gehouden en waar hij uiteindelijk door de Russen is bevrijd. Het originele dagboek ligt in het archief.''

DOOS MET SPULLEN Een doos met spullen bij zijn oma voedde de nieuwsgierigheid. ,,Mijn zoektocht naar grootvaders voetstappen is een eerbetoon aan hem. Hij verdient dit'', benadrukt Van Beem die destijds door Annemiek Littlejohn, ex-vrijwilliger bij Kamp Amersfoort, op weg is geholpen. ,,Zij heeft mij aangespoord om in zijn verleden te duiken. Mijn oma? Nee, zij wuifde het onderwerp stelselmatig weg. Als ik naar het hoe en waarom van de spullen vroeg zei ze: laat die maar liggen, die zijn van je opa. Tot aan haar dood heeft ze gezwegen over wat er met mijn grootvader is gebeurd. Ook mijn vader deed het zwijgen toe, maar hij wist weinig. Het enige waar hij kennis van had, was de arrestatie. Tot ziens jog. Studeer goeds, dat waren de laatste woorden van mijn grootvader aan mijn vader, die overigens ook Johan heet en nog in leven is. Hij is inmiddels 95 jaar.''

EYEOPENER Van Beem zocht lang naar het laatste ontbrekende puzzelstukje: waar was grootvader begraven? Op het plakkaat van het massagraf in Mirow kwam zijn naam immers niet voor. Het Rode Kruis archief bood uitkomst. ,,In november 2011 kreeg ik veel informatie toegestuurd. Met name het bewuste document van het gemeentehuis van Mirow, waarin Meta Grünspahn het overlijden en begraven van grootvader heeft bevestigd, was een eyeopener hetgeen ik pas enkele jaren later door had. Tsja, zo'n moment vergeet je niet. Verdorie, zijn naam was bekend, maar ontbrak op het plakkaat van het massagraf. Nadien is dat alsnog gebeurd.''

FOTO'S Eerdaags reist Van Beem, die sinds een aantal jaren gastspreker is bij Kamp Westerbork, af naar Berlijn om een neef van Meta Grünspahn (in wiens huis grootvader zijn laatste adem uitblies) te ontmoeten. ,,Ik hoop van die neef enige foto's van Meta uit die tijd te krijgen. En op mijn beurt kan ik vertellen welke rol zijn tante voor mijn grootvader heeft gespeeld. Bovendien wil ik met hem de mogelijkheid bespreken voor het plaatsen van een zogeheten Stolpersteine voor het huis van Meta. Nee, mijn zoektocht is nog niet ten einde. Enkele episodes zijn nog onvolledig. Zo wil ik graag nog weten wie nog meer in de verzetsgroep zaten.''

HELD ,,Voor mij is mijn grootvader een held. Hij was weliswaar geen gewapende verzetsstrijder, maar hij probeerde wel het moraal van Nederland op te vijzelen tijdens de bezettingsjaren. Hij was een doorgewinterde optimist. Dat lees je niet alleen terug in zijn dagboek, maar ook in de clandestiene briefjes die hij schreef ten tijde van zijn gevangenschap in Kamp Amersfoort. Daarin kenschetst hij niet alleen de miserabele entourage waarin hij vertoeft, maar dagdroomt hij ook over betere tijden, is hij hoopvol gestemd over de goede afloop. Hij ziet altijd een zonnestraaltje. Dat vind ik bewonderenswaardig. Hij moet ontzettend sterk van geest zijn geweest. In de beschikbare documenten lees je ook terug dat hij allerlei bronnen aanboort om uit de penibele situatie te komen. Hij was met zijn 1.65 meter klein van stuk, maar zag zich graag op de voorgrond. Ja, hij wist veel voor elkaar te krijgen. Dat hij uiteindelijk door overvoeding is bezweken is buitengewoon wrang, ja.''