ChristenUnie-SGP: 'Vijf miljoen investeren in De Korf is geen gemeentetaak'

08-02-2019, 20:27 | Lezersnieuws | jacolien

Gaat de gemeente Leusden bijna vijf miljoen euro stoppen in zalencentrum De Korf? Die vraag lijkt wethouder Kiel volmondig positief te beantwoorden, maar de Leusdense ChristenUnie-SGP heeft grote twijfels. “Zo’n enorme investering moet verantwoord zijn”, aldus raadslid Jan Overweg, “velen hebben plezier van bowlingbaan, restaurant en theater. Dat is prachtig, maar moeten we als gemeente wel eigenaar zijn van zo’n omvangrijke en risicovolle, commerciële onderneming? Ik denk het niet.” 


Van oudsher is de gemeente eigenaar van De Korf, dus de sporthal, het café, restaurant en de bowlingbaan. De ChristenUnie-SGP meent dat de sporthal genoeg werk oplevert en het eigenaarschap van commerciële ruimten niet bij de gemeente thuishoort. Daarom maakt de fractie zich grote zorgen over de flinke, voorgenomen investering van de gemeente. “Een onduidelijke investering, want welke maatregelen nemen we precies? Hoe gaat het verder met de huur? Last but not least: mag een gemeentelijke overheid wel eigenaar zijn van een commerciële onderneming. Meerdere, risicovolle ondernemingen in dit geval”, aldus de ChristenUnie-SGP. 

De investering is voorlopig berekend op 4,7 miljoen euro. Daarvan is 2,7 miljoen euro te besteden aan de verbetering van de bowlingbaan, het café, restaurant en theater. De ChristenUnie-SGPwil weten van de gemeente of die deze forse investering van 2,7 miljoen en een ander deel (nog eens 0,5 miljoen) doorberekent aan de exploitant en Theater De Tuin. “Als dit antwoord ‘nee’ is, hoe verhoudt zich dit dan tot de regels rondom de staatsteun?”. Daarbij ziet de ChristenUnie-SGP ook andere mogelijkheden voor het renovatieprobleem: “Een koppeling met leegstaande winkelpanden bijvoorbeeld. Bouw woningen op de plek van De Korf en het parkeerdek en zoek een andere plek voor sporthal dichtbij de scholen. Pak dit als kans voor een impuls aan de Hamershof. Nu bijna vijf miljoen investeren in de Korf is geen gemeentetaak.”