Smartlap

Koos Alberts. Hij stond bij mijn weten nog nooit in de Leusder Krant, maar vandaag wel. Omdat 'ie dood is, eigenlijk. Dat klinkt misschien morbide, maar ik kan het verklaren.

Afgelopen donderdag kwamen honderden fans naar het crematorium van Rusthof om afscheid te nemen van hun volkszanger. In een stoet trokken ze langs de kist in de aula, met veel bloemen, kaarten en knuffels. Met tranen ook, heel veel tranen. Ja, Koos Alberts heeft alles voor ze betekend. Daarom.

Koos (hij wilde graag getutoyeerd worden) stond vaak in de hitparade, maar nooit in mijn platenkast. Het is niet bepaald mijn kopje thee, zeg ik eerlijk. Waarom gun je hem dan wel de kantlijn van pagina 3, hoor ik u denken. Dat is vanwege het afscheid.

Vrouw Joke, de kinderen, kleinkinderen en fans hebben hier in Leusden afscheid genomen van hun Koos. Precies zoals u en ik op Rusthof ook al eens afscheid namen. Sommigen helaas al veel te vaak. Het is spreekwoordelijk de laatste halte, maar dat heeft, ondanks het grote verdriet, ook iets moois, bedacht ik me afgelopen donderdag.

Het is het idee dat we op Rusthof weer allemaal gelijk zijn. Of we in de aula huilen om de miljonair of bajesklant, de stewardess of volkszanger maakt feitelijk geen verschil. Alle tranen zijn zout.

En wat de overledenen betreft: op Rusthof liggen ze allemaal zij aan zij, min of meer. Mijn vader werd er uitgestrooid onder een boom, mijn schoonmoeder kijkt uit over de heidevelden, vriendin Conny Vandenbos deelt haar graf met partner Ger en zo kan ik nog wel een paar dierbaren noemen.

Verdriet zal ik nooit bagatelliseren en ze worden allemaal gemist, maar iets in mij vindt ook rust in die laatste vredige halte waar iedereen gelijk is. Conny en Koos gelijk? Nee, de zangeres van Roosje m'n roosje zou bij leven terstond zijn foto verscheuren. Maar ná het leven zijn ze één.

De koffie en cake voorbij en de tranen gedroogd is het wellicht mooi om te weten dat journalist Remco Reiding en fotograaf Marco Hofsté een boek hebben gemaakt over Rusthof. Ze bundelden de verhalen achter vijftig grafstenen in HIER RUST en ook die bundeling laat zien dat iedereen, niemand uitgezonderd, uiteindelijk het leven laat. Ze lieten zich allemaal kisten voor die laatste groet. Boeiend zijn dan ook de verhalen over de dominee en dichter, de minister en de stuntvlieger. Op de een of andere manier relativeert het boek de dood: missen mag, maar herinneren is ook dankbaar.

Nu de laatste klanken van de volkszanger zijn gevlogen en de vogels weer klinken op Rusthof, nodig ik u graag uit voor een fijne wandeling. 30 hectare parklandschap met hier en daar een traan. Hij zou er een prachtig levenslied over kunnen zingen…

Dag Koos.

Marco Bosmans