Belhamel

De vacature voor een intuïtief wellness-masseur waar ik vorige week op deze pagina melding van maakte, heeft bij sommige lezers (letterlijk) veel losgemaakt. Het was een grapje, beste mensen. Een vrolijke fantasie, liever gezegd, als in de vaderlijke wens der gedachten. U hoeft mij dus niet meer te mailen voor het telefoonnummer van het betreffende resort.

Vorige week kreeg ik de kans om een échte droombaan eens van dichtbij te bekijken; zo'n baan die iedereen wel wil. Beddentester? Nee. Culinair recensent? Ook niet. Vuurtorenwachter dan? Drie keer fout. Nee, ik mocht een avondje op pad met schaapherder José Struik. Samen met zo'n vijftig andere belangstellenden liepen we als het ware een avondje stage op het prachtige Den Treek-Henschoten. Het was een onvergetelijke ervaring, die ik voor uw beeldvorming graag even schets.

Voor ons: pak 'm beet 250 heideschapen, erachter drie bordercollies, vervolgens herder José en achter haar die mensenkudde, onder wie uw nieuwsgierige columnist. Eén man vergeet ik: Treekvrijwilliger Hans Nijman. Die laatste is niet onbelangrijk, want hij kent de 2200 hectaren van het familielandgoed inmiddels redelijk op zijn duimpje. Met de naaste vinger wees hij ons de juiste weg en op een paar bijzondere plekken.
In gesprek met herder José kwam ik tot een soort verbazingwekkende conclusie. Veel Leusdenaren, ondergetekende incluis, hebben geen idee van wat zich allemaal afspeelt in onze 'gemeenschappelijke' achtertuin. Het beheer van Den Treek-Henschoten blijkt een immense operatie. Denk moestuin XXXXXXL. Al is zaaien, planten en oogsten natuurlijk weer een verhaal apart.

De schapen van José, sinds vijf jaar de kudde Treeker Wissel genaamd, spelen een belangrijke rol bij dat beheer. José kan het weten, want zij verdiende haar sporen in landschapsbeheer. Inderdaad, ze is door de wol geverfd. En zo kregen de belangstellenden tijdens onze trektocht tekst en uitleg van José over het ras (Veluws heideschaap), over belhamels (gecastreerde rammetjes) en over de graassporen die de schapen achterlaten en meenemen. Plaatjes werden geschoten en gepraat werd er eigenlijk amper. De natuur maakte stil. En tijdloos, zoals José vertelde.

Waar de lammetjes zijn, wilde de mensenkudde weten. De logische vraag kreeg een verrassend antwoord: de kudde is dakloos en dus ook kinderloos. Hûh? De herder blijkt in de weide omtrek van Leusden al een tijdje te zoeken naar een stal voor nageslacht. Hm, waar heb ik zo'n verhaal eerder gehoord?! Zodra de Treeker Wissel onderdak heeft gevonden, mogen de rammen aan de vrijerij en krijgen de damesbillen kleur.

Nou heb ik mevrouw Bosmans diezelfde avond nog gevraagd haar schuur eens op te ruimen, maar wij gaan het niet redden. Dus: weet u misschien een leegstaande schuur in de regio? Vierhonderd vierkante meter is volgens José voldoende. Regel ik volgend jaar beschuit met muisjes.

Marco Bosmans, bosmans@xmsnet.nl.