• Hans Beijer

Veel belangstelling informatieavond Grebbelinie en Valleipark

Hans Beijer

LEUSDEN Drie ontwikkelingen komen samen in het gebied tussen pakweg de stuw bij de Asschatterweg en de fietsbrug bij het Krakhorsterverlaat. Plannen zijn inmiddels ontwikkeld om deze ontwikkelingen en doelstellingen optimaal op elkaar af te stemmen.

De bouw van de nieuwe wijk Valleipark krijgt steeds meer vorm. Tegelijkertijd wordt in het kader van het in 2010 door de provincie geïnitieerde project "de Grebbelinie boven water" op steeds meer plaatsen getracht deze cultuurhistorisch en landschappelijk waardevolle linie "beleefbaarder" te maken. Tevens is er nog het Waterschap Vallei en Veluwe, dat naast het uitvoeren van de traditionele waterschapstaken ook op ecologisch gebied zijn bijdrage wil leveren.

De gemeente Leusden organiseerde donderdag een informatieavond over de projecten Grebbelinie en Valleipark. De gemeente stelt tevreden vast dat deze inloopavond naar schatting door een honderdtal belangstellenden is bezocht. Behalve het inwinnen van informatie konden bezoekers ook ideeën spuien en hun mening over de plannen ventileren.

Inloopavond

Bezoekers van de inloopavond konden buiten met eigen ogen waarnemen dat inmiddels is begonnen met de bouw van fase 3 van het Valleipark. Even verderop ligt het middenstuk (fase 2) overigens nog braak, maar daarachter is fase 1 vergevorderd: enige huizen worden er al bewoond. Deze woonwijk in aanleg wordt aan de noord- en oostzijde begrensd door het Valleikanaal en aan de zuid- en westzijde geflankeerd door de Liniedijk. Aan de verschillende tafels in de kantine nemen bezoekers kennis van de vaak al vergevorderde plannen voor dit gebied.

Op grote uitgevouwen plattegronden kan men zien waar de woningen en de verschillende woningtypen gebouwd gaan worden en hoe de ontsluiting van de wijk zal geschieden. Fase 1 en (in de toekomst) fase 2 worden voor het verkeer ontsloten via de al aangelegde nieuwe weg (dwars door de dijk heen) die aansluit op de Valleilaan bij het tenniscomplex van LTV Leusden. Fase 3 wordt ontsloten richting Asschatterweg. De oude, uiterst smalle fietsbrug over het Valleikanaal bij het Krakhorsterverlaat wordt begin volgend jaar vervangen door een laag uitgevoerde, brede fietsbrug, sterk gelijkend op die ter hoogte van de Cohensteeg. Ook staat een tweetal overgangen (niet voor auto's) gepland vanuit de nieuwe woonwijk naar Walstro aan de andere zijde van de Liniedijk.

De stichting Grebbelinie en de Historische Kring Leusden zorgen aan hun tafels voor de nodige cultuurhistorische uitleg: de Liniedijk krijgt veel aandacht. De gemeente is voornemens de bunkers en kazematten beter zichtbaar te maken en wil ze graag een passende functie geven. Bezoekers kunnen op formulieren hun ideeën hierover aangeven, de gemeente is er heel benieuwd naar. Waar nodig zal het wandelpad over de Liniedijk verbeterd worden, want op sommige plekken laat dit te wensen over. Ook wil de gemeente de nog aanwezige oude loopgraafstructuren nabij de "Duitse bunker" weer naar boven halen in de vorm van een verdiept wandelpad dat op twee punten aansluit op het pad over de dijk. De coupure in de Liniedijk door de (nieuwe) ontsluitingsweg van fase 1 zal zoals bij de coupures aan de Asschatterweg, de Cohensteeg en de Langesteeg worden geaccentueerd door een lage muur van de welbekende juten cementzakken.

De Liniedijk en de Liniesloot (tussen de woonwijk en de dijk) hebben beide belangrijke ecologische functies. Middels een uitgekiend beheer met onder meer baggeren, snoeien, maaien en kappen wil de gemeente Leusden de natuurlijke kwaliteit verhogen. Aan de andere zijde van de woonwijk heeft het Waterschap Vallei en Veluwe zijn plannen klaarliggen om een waardevolle natte ecologische verbindingszone langs het Valleikanaal te realiseren. Door in de oevers kunstmatig hoogteverschillen aan te brengen en het oeverbeheer zoveel mogelijk te extensiveren, krijg je een meer gevarieerde en soortenrijke natuur. Soms kan de natuur zelf als het ware waterschapstaken overnemen, indien het effect maar hetzelfde is, zoals bij de ontwikkeling van natuurlijke vormen van oeverbeschoeiing.